Gouden feesten

de vader des huizes drinkt mijn blanc de noirs
in het vrolijke huisgezin
moeder is verdwaald in haar geneugten
en zelfs haar kinderen nemen mij in

ten goede of ten kwade ik beziel je
wie je ook bent – je laat me niet los

de mannen denken mij te vereren
met verheven glazen en zang begeleid met luit
maar kijk goed mannen naar je vrouwen
hun onverschilligheid lacht jullie uit

ten goede of ten kwade ik beziel je
wie je ook bent – je laat me niet los

ondeugend moedig ik het meisje aan
als ze lieflijk haar viola bestrijkt
haar toeschouwers bewonderen haar blush-rosé gezicht
maar ze is inmiddels haar bescheidenheid kwijt

ten goede of ten kwade ik beziel je
wie je ook bent – je laat me niet los

hij geniet volop van hun gezelschap
maar geniepig giet zij mij bij hem in
laat hem maar denken dat ze zo gelukkig zijn
vanavond krijgt zij elders haar zin

ten goede of ten kwade ik beziel je
wie je ook bent – je laat me niet los

zij kijkt smekend naar de hemel
haar huid wit van zuivere angst
hij peinst en knijpt haar tepel
en mijn rode gloed is hun vangst

© Dave Thomas 2017

Winter is maar één seizoen

eindeloos
eindeloos kleurloosheid
begrensd door een grauwe lucht
waar geen zonnestraal doordringt

niets
niets beweegt
geluid ontbreekt
behalve het ratelen in mijn hoofd

onrust
onrust in mijn ogen mijn benen mijn –
ik kan mij niet verenigen
met het verlangen naar meer

dus
dus ik tast – naar kleur?
in de hoop dat ik verder kom
dan waar ik mij nu bevind

© Dave Thomas 2018

Avondland

bejaardenhuisbewoners genieten van hun dagelijkse portie Lingo
terwijl hun verzorgsters even onthaasten met een kopje koffie
mevrouw Pot is vandaag niet verschenen
pas later zullen ze merken – haar aardse bestaan is voorbij

in een fel verlichte hal
distributiecentrummedewerkers maken gehaast zendingen klaar
zich niet eens bewust van de buitenwereld en de tijd
totdat het nieuws wordt verkondigd op de radio

auto’s kruipen als slakken over de snelweg
soms glipt een motor tussen de rijen door
een blauw zwaailicht schudt de boel op
na dit intermezzo moddert het verkeersinfarct weer verder

een vader probeert zijn kinderen te kalmeren
en tegelijkertijd een oog op het fornuis te houden
herinneringen aan zijn trouwdag borrelen op in zijn hoofd
nu – staat hij er alleen voor

gevangenen roken doelloos op de binnenplaats hun sigaret
stilzwijgend – met nietszeggende gezichten
de zon zien ze niet eens meer verdwijnen achter de horizon
de dagen zijn voor hen hetzelfde geworden

in de polder grazen de koeien ongestoord door
waar de kwijnende zon haar rode gloed laat spelen in de sloot
een wandelaar, die uit de avondgekte ontsnapt is, ontspant
maar – een trein vervloekt zijn stilte

© Dave Thomas 2017

ik ben de kapitein

ik ben de kapitein
van mijn mooie blauwe boot
en vaar heerlijk door het badschuim heen
op zoek naar lekker veel goud

ik ben de kapitein
en mijn boot reist onder mijn armen
langs de grote rubbereend
het afschuwelijke enge zeemonster

ik ben de kapitein
en mijn boot vaart sneller en sneller
kijk uit, pas op, te laat!
een botsing met mijn benen

ik ben de kapitein
en mijn voeten trappelen van plezier
het water gaat hoger en hoger
en klotst heerlijk heen en weer

ik ben de kapitein
de badkamer wordt steeds natter
mijn moeder schreeuwt en rent naar boven
oh nee wat een gekletter

de deur vliegt open en net op tijd
vaart mijn boot mooi achter mijn rug
ik ben nog steeds de kapitein
mijn moeder is naar mij op zoek

© Dave Thomas 2017

Nestor

zijn gedachten waren geslepen
door zijn levensjaren heen
verfijnd, gerijpt tot het gesmede
in poëzie toegankelijk voor iedereen

soms las hij als een prediker
zijn dichterlijke schepsels voor
en menig voorbijganger kreeg
een stukje van de schoonheid door

zijn woorden vonden andere geesten
in elke streek een andere kans
en nieuwe strofen werden geboren
van uiteenlopend genre en cadans

aan het eind zat hij te luisteren
aandachtig met nauwelijks een woord
zijn lijf heeft het nu begeven
maar zijn geesteskind leeft voort

© Dave Thomas 2017

Geraakt

sneeuwvlokjes dwarrelen zachtjes
tegen mijn raam
en veranderen gelijk van vorm

krokussen gevoed
door de vergane rozenbladen
prikken pril
door de fluwelig witte deken
maar bloeien niet
door ‘t gebrek aan omhelzende zon

de brief
waar ik ooit aan begon
ligt nog op de tafel
maar vastberaden trek ik
mijn schoenen aan

mijn stappen vertrappen
en laten voor even
mijn broze afdruk
achter in dit leven

in winterse onschuld kleeft de roos
ontbladerd aan de pergola

uit haar diepgaande wortels
keert
haar bloesem weer terug

© Dave Thomas 2017

Meditatie op de hei

een paar herten huppelen
naar het rand van het bos
als ik rechtop zit
en moeite doe
om los te laten
en dan merk dat mijn lijf
bepaald niet mee wil doen

de bij zoemt over het paarse tafereel

libellen dansen in een rondje
als ik probeer
mijn kaakspieren en buik
bewust te laten ontspannen
en te voelen hoe de zuivere
buitenlucht door mijn neusholtes
naar binnenstroomt

de bij zoemt weer over het paarse tafereel

afgeleid door een fluitende kneu
besluit ik mij te richten op de
zuivere geluiden van deze door
mensen gecreëerde
en beheerde omgeving
maar word ruw gestoord door
een groep toeristen op witte
fietsen en mijn gedachten
dwalen naar vakanties

de bij zoemt weer over het paarse tafereel

een valk zweeft even
boven mijn hoofd
en ik merk mijn
tetterende gedachten op
zowel woordjes als beelden
en ik tracht hun oorsprong
te lokaliseren
op zoek naar mijn plek
van innerlijke bezieling

de bij zoemt weer over het paarse tafereel

vlak voor mijn neus springt
een rugstreeppad plotseling in beeld
en ik word mij bewust
van mijn onregelmatige ademhaling
kippenvel
en mijn hart
dat iets harder bonst
na de schrik

de bij zoemt weer over het paarse tafereel

aangeschoten door
een kleine toegift adrenaline
keer ik terug
naar de orde van de dag
en pak de laptop uit mijn tas

de bij zoemt over het paarse tafereel
maar hij ontgaat mij

© Dave Thomas 2017

Het nieuwe groen

kaarsrechte wegen
doorsnijden het gepachte
land van rechthoekige, zware
kleivelden onderbroken door
waterlopen en jaren vijftig
boerenerven

op optimale afstanden zwicht
dit pionierslandschap voor
de drukte van dorpen en steden
waar fabrieken, winkels en huizen
een lappendeken vormen

rijen stalen wieken vangen
moeiteloos de wind
die over de eindeloze leegte heeft geraasd
waar wild vrij lijkt rond te zwerven
door een woestijn van
dode bomen en gras
slechts begrensd door water
spoor en stad

de wind
—die ooit woelige golven schiep
op de legendarische Zuiderzee
en dwong toen kwetsbare schepen te vluchten
naar havens vandaag omsingeld door boerenwei—
wordt nu
door de mens getemd
en wekt de schone stroom
waarmee hij nieuwe
veroveringen kan beleven
in zijn virtuele wereld

© Dave Thomas 2017

Wiens rit?

ergens
op meerdere servers
staan mijn OV-gegevens
die keurig
en zelfs tot op de minuut
mijn in- en uitstappen weergeven

onderweg besef ik
dat ik samen met alle andere reizigers
ongevraagd meedoe aan dit
inzamelen van big data
die ongetwijfeld meerdere malen
op stochastische, statische
en andere wiskundige wijzen
geanalyseerd wordt
door top wetenschappers
met prestigieuze beurzen
wiens onderzoek mogelijk
tot een betere aanpak
van het woon-werk verkeer
zou kunnen leiden
en wie weet
misschien ontcijferen zij nog meer

maar voorlopig
weet niemand
behalve ik
van de verrijkende
en minder leuke belevenissen
die ik meemaak
met elke rit

© Dave Thomas 2016

Stilzwijgend

rosé klotst sprankelend in een glas
als het water kabbelt tegen een aangemeerde jacht
uitgeflaneerde levensgenieters babbelen aan dek
en vieren het genot

een jongen loopt nonchalant over de steiger
handdoek om zijn nek, richting het doucheblok
langs een stel dat een karretje vol proviand trekt
richting jacht
voor een paar zonovergoten dagen op zee

iets verderop ruziet een moeder even met haar zoon
die prompt het water induikt
zich niet eens bewust van het meisje aan de overkant
dat een oogje op hem heeft

twee broers schilderen een catamaran
die kennelijk nog niet aan zee toe is
terwijl de huisboot naast hen
die men nooit zeewaardig zal noemen
op een neer wiebelt als een lelijke eend

dagjesmensen dalen van de zeedijk af
en vinden even afleiding
bij twee cafés tegenover de haven
blind voor het waterige campingtafereel
dat voor hun neuzen speelt

dag voorbij, toeristen weg, de avond heerst
het kou sijpelt vanuit de grond
de zon trekt haar laatste stralen in
en zijgt ruisloos achter de sluis neer

stilletjes nestelen de boten tegen elkaar
hun bemanning veilig binnen
een laatste vogel verdwaalt door de schemering
en het donker ontwaakt

© Dave Thomas 2016